Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[eiseres],
gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
1.De procedure
2.De feiten
€ 3.193,49 bij [gedaagde] in rekening gebracht.
Rechtbank Overijssel
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres betaling van drie onbetaalde facturen en bijkomende incassokosten van gedaagde. Eiseres heeft juridische werkzaamheden verricht op basis van een overeenkomst met toepasselijke algemene voorwaarden. Gedaagde had de facturen niet betaald en stelde aanvankelijk vraagtekens bij de tijdsbesteding, maar erkende de vordering tijdens de mondelinge behandeling.
De rechtbank overweegt dat bij een geldvordering in kort geding niet alleen de aannemelijkheid van de vordering moet worden beoordeeld, maar ook het spoedeisend belang. Omdat gedaagde de vordering erkende en eiseres een spoedeisend belang had vanwege de voorgeschoten btw en fiscale aftrekposten, wordt de vordering toegewezen.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van de hoofdsom, wettelijke handelsrente over de hoofdsom, en buitengerechtelijke incassokosten conform de algemene voorwaarden. Over de incassokosten wordt wettelijke rente toegekend, geen handelsrente. Gedaagde wordt tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande facturen, incassokosten en rente, uitvoerbaar bij voorraad.