ECLI:NL:RBOVE:2021:4826
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens ontvangen partner- en kinderalimentatie
Eiseres ontving vanaf maart 2018 een bijstandsuitkering voor alleenstaande ouder en daarnaast partner- en kinderalimentatie. Aanvankelijk werd de alimentatie niet in mindering gebracht, waardoor eiseres te veel bijstandsuitkering ontving. Verweerder herzag het besluit en vorderde een bedrag terug, waarbij de zogenoemde zesmaandenjurisprudentie werd toegepast om de terugvordering te beperken.
Eiseres voerde aan dat het rechtszekerheidsbeginsel zich verzet tegen herziening en terugvordering, omdat zij naar eigen zeggen volledig had gemeld en verweerder op de hoogte was van haar situatie. De rechtbank oordeelde echter dat eiseres redelijkerwijs duidelijk had moeten zijn dat zij te veel bijstandsuitkering ontving, mede omdat zij pas op 12 juni 2018 ondubbelzinnig had meegedeeld dat zij kinderalimentatie ontving.
De rechtbank bevestigde dat verweerder terecht de bijstandsuitkering had herzien en de te veel betaalde bedragen terugvorderde, met inachtneming van de zesmaandenjurisprudentie voor de kinderalimentatie. De toepassing van deze jurisprudentie op partneralimentatie was niet mogelijk vanwege de onregelmatige betalingen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de herziening en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.