ECLI:NL:RBOVE:2021:550
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens hennepkwekerij
De burgemeester van Hof van Twente heeft op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet een last onder bestuursdwang opgelegd om een woning te sluiten voor drie maanden vanwege de aanwezigheid van een professionele hennepkwekerij met 382 planten. Verzoeker, eigenaar van de woning, maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de sluiting te voorkomen.
De voorzieningenrechter overwoog dat de burgemeester zich terecht bevoegd heeft geacht en in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik heeft gemaakt. Hoewel het bestreden besluit een motiveringsgebrek vertoonde doordat niet expliciet was ingegaan op bepaalde beleidsregels en de hardheidsclausule, kon dit worden hersteld in de bezwaarprocedure. De omstandigheden van de coronacrisis en de belangen van minderjarige kinderen werden meegewogen, maar vormden geen reden om af te wijken van de sluiting.
De rechtbank stelde vast dat de hennepkwekerij een handelshoeveelheid drugs betrof, wat een belang bij sluiting oplevert om de openbare orde en het woon- en leefklimaat te beschermen. De periode van drie maanden sluiting was in overeenstemming met het Damoclesbeleid en niet onevenredig, mede omdat verzoeker geen concrete onderbouwing gaf voor het ontbreken van alternatieve woonruimte. De voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en de schorsing van het besluit kwam te vervallen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens hennepkwekerij wordt afgewezen.