ECLI:NL:RBOVE:2022:2093

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
5 juli 2022
Publicatiedatum
20 juli 2022
Zaaknummer
9940398 \ CV EXPL 22-2148
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:230m BWArt. 6:230v lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging overeenkomst koop op afstand wegens niet voldoen bestelknop aan wettelijke eisen

De zaak betreft een vordering van CAPACCS INVEST 2 B.V. tegen een consument inzake een koop op afstandsovereenkomst. De gedaagde partij is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De rechtbank toetst ambtshalve of de handelaar heeft voldaan aan de wettelijke informatieplichten volgens artikelen 6:230m en 6:230v BW.

De kern van de beoordeling is of de bestelknop op de website van de handelaar voldoet aan artikel 6:230v lid 3 BW, dat vereist dat de consument duidelijk en ondubbelzinnig wordt geïnformeerd dat het plaatsen van een bestelling een betalingsverplichting inhoudt. De gebruikte bestelknop met de tekst "bevestig bestelling" voldoet hier niet aan.

De rechtbank volgt het arrest van de Hoge Raad van 12 november 2021 en het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 april 2022, waarin is bepaald dat alleen de tekst op de bestelknop relevant is voor deze beoordeling. Omdat de knop onvoldoende duidelijkheid verschaft, is de overeenkomst vernietigbaar. De vordering wordt daarom afgewezen en de eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De rechtbank vernietigt de koop op afstandsovereenkomst en wijst de vordering van de handelaar af.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer : 9940398 \ CV EXPL 22-2148
Vonnis van 5 juli 2022
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CAPACCS INVEST 2 B.V.,
gevestigd te Eindhoven,
eisende partij,
gemachtigde: ACCS Incasso,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Eisende partij heeft gevorderd dat gedaagde partij bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld om aan haar een bedrag te betalen met rente en kosten, zoals in de dagvaarding is omschreven.
1.2.
Tegen de niet verschenen gedaagde partij is verstek verleend.
1.3.
Daarna heeft de kantonrechter bepaald dat een vonnis wordt uitgesproken.

2.De beoordeling

2.1.
De vordering van eisende partij ziet op een overeenkomst op afstand tussen een handelaar en een consument. De handelaar moet bij het sluiten van dat soort overeenkomsten voldoen aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten van artikelen 6:230m en 6:230v van het Burgerlijk Wetboek (BW).
2.2.
In deze procedure moet eisende partij gemotiveerd stellen en onderbouwen dat aan de essentiële informatieplichten is voldaan. De kantonrechter moet vervolgens ambtshalve onderzoeken of aan de plichten is voldaan, dus ook als er geen verweer is gevoerd. Als sprake is van een voldoende ernstige schending van zo’n informatieplicht moet de rechter een sanctie toepassen (zie het arrest van de Hoge Raad van 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677).
2.3.
Volgens artikel 6:230v lid 3 BW moet de handelaar het elektronische bestelproces zo inrichten dat de consument een aanbod pas kan aanvaarden als hem op niet voor misverstand vatbare wijze duidelijk is gemaakt dat zijn bestelling een betalingsverplichting inhoudt. Een bestelkop of soortgelijke functie moet een ondubbelzinnige formulering bevatten die goed leesbaar is en waaruit blijkt dat het plaatsen van een bestelling een betalingsverplichting ten opzichte van de handelaar inhoudt. Een overeenkomst die in strijd met artikel 6:230v lid 3 BW tot stand komt, is vernietigbaar.
2.4.
Om te beoordelen of de handelaar aan deze verplichting heeft voldaan, moet alleen rekening worden gehouden met de woorden
opde bestelknop waarmee de consument het bestelproces afrondt. Zie het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 april 2022 (ECLI:EU:C:2022:269). Er mag geen acht worden geslagen op de verdere omstandigheden van het bestelproces.
2.5.
Uit de toelichting en stukken blijkt dat op de bestelknop van de webwinkel de woorden “
Bevestig bestelling” staan. Daarmee is naar het oordeel van de kantonrechter geen duidelijke mededeling gedaan dat de consument met het aanklikken van die knop een betalingsverplichting aangaat. Er is dan ook niet voldaan aan de verplichting van artikel 6:230v lid 3 BW. Als gevolg daarvan is de overeenkomst vernietigbaar.
2.6.
De kantonrechter is verplicht om ambtshalve de daaraan verbonden sanctie toe te passen en zal de overeenkomst vernietigen (zie r.o. 3.1.20 van voornoemd arrest van de Hoge Raad en de conclusie van P-G Wissink van 19 april 2022, randnummer 20 e.v. (ECLI:NL:PHR:2022:545)). Gedaagde partij is de gevorderde hoofdsom daarom niet verschuldigd. De kantonrechter wijst de vordering af.
2.7.
Eisende partij zal niet meer in de gelegenheid worden gesteld om te reageren op de vernietiging. Het rechtsgevolg vernietiging van de overeenkomst is in de wet opgenomen en moet ambtshalve worden toegepast. Gedaagde partij is niet verschenen en van enig bezwaar tegen vernietiging van de overeenkomst is niet gebleken.
2.8.
Aan ambtshalve toetsing van de overige (pre)contractuele informatieplichten komt de kantonrechter niet toe.
2.9.
Eisende partij wordt in de proceskosten veroordeeld, omdat zij ongelijk krijgt. Deze kosten worden aan de kant van gedaagde partij tot en met vandaag vastgesteld op nihil.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
wijst de vordering af;
3.2.
veroordeelt eisende partij in de proceskosten, tot en met vandaag aan de zijde van gedaagde partij begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.J.S. Groeneveld-Koekkoek, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 5 juli 2022. (me)