ECLI:NL:RBOVE:2022:2987
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen tegen besluiten persoonsgebonden budget zorg en begeleiding Wmo 2015 afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Hengelo betreffende de hoogte van het persoonsgebonden budget (pgb) voor zorg en begeleiding op grond van de Wmo 2015. De kern van het geschil betreft het gehanteerde uurtarief van €20 voor zorg geleverd door het sociale netwerk en de duur van een toegekende maatwerkvoorziening.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 27 januari 2021 waarin het netwerktarief van €20 per uur werd bevestigd en benadrukt dat een pgb geen inkomensvoorziening is, maar een vergoeding voor noodzakelijke zorg. Eiser voerde aan dat de zorg door zijn moeder professionele zorg betreft en een hoger tarief rechtvaardigt, maar dit werd niet gevolgd. Ook de stelling dat het uurtarief onvoldoende is vanwege inkomensverlies van de zorgverlener werd verworpen.
Daarnaast handhaaft de rechtbank het besluit om de maatwerkvoorziening voor de duur van zeven maanden toe te kennen, gegrond op artikel 2.3.5, zesde lid, van de Wmo 2015, omdat eiser mogelijk aanspraak kan maken op een voorziening op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). De rechtbank acht de door verweerder aangevoerde gronden, waaronder het advies van een deskundige, voldoende aannemelijk.
De beroepen worden ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De beroepen tegen de besluiten tot toekenning van het persoonsgebonden budget worden ongegrond verklaard.