ECLI:NL:RBOVE:2023:1093
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen schorsing rijbewijs na drugsgebruik
Verzoeker, werkzaam als chauffeur, kreeg een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid opgelegd en zijn rijbewijs geschorst nadat hij op 18 november 2022 onder invloed van diverse drugs een voertuig bestuurde. Verzoeker stelde dat de schorsing en het onderzoek niet evenredig waren vanwege een aanstaande wetswijziging die per 1 april 2023 de maatregelen zou versoepelen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bestreden besluit genomen is vóór de wetswijziging en dat de gedraging waarop het besluit is gebaseerd ook vóór die datum plaatsvond. De wetgever heeft overgangsrecht geregeld waarbij oude regels blijven gelden voor gedragingen vóór de wijziging. Verweerder is verplicht uitvoering te geven aan deze dwingendrechtelijke regels zonder ruimte voor belangenafweging.
Verzoeker kon geen uitzonderlijke situatie aantonen die afwijking zou rechtvaardigen. Zijn situatie wijkt niet significant af van anderen met een geschorst rijbewijs. Bovendien was verzoeker zich bewust van zijn overtreding en is het risico van schorsing hem bekend. De voorzieningenrechter wees het verzoek af en bevestigde de schorsing en het onderzoek. Er is geen aanleiding voor vergoeding van kosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de schorsing van het rijbewijs en het opleggen van het rijgeschiktheidsonderzoek wordt afgewezen.