ECLI:NL:RBOVE:2023:2308
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen last onder dwangsom wegens deelname aan vechtpartij en overtreding APV
Eiser werd door de burgemeester van Deventer een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 2.1 van de Algemene plaatselijke verordening (APV) Deventer, na betrokkenheid bij een vechtpartij tussen harde kernen van voetbalclubs op 21 augustus 2021. De last hield in dat eiser zich niet mocht schuldig maken aan samenscholing, onnodig opdringen of uitdagend gedrag dat leidt tot ongeregeldheden, onder dreiging van een dwangsom van € 2.500 per overtreding tot maximaal € 10.000.
Eiser voerde aan dat de last disproportioneel was, het evenredigheidsbeginsel werd geschonden en dat strafrechtelijke handhaving passender zou zijn. Ook stelde hij dat de dwangsom het vervolgingsrecht van het Openbaar Ministerie zou belemmeren vanwege het ne bis in idem-beginsel. De rechtbank oordeelde dat de burgemeester op basis van een betrouwbare bestuurlijke rapportage terecht aannam dat eiser de APV had overtreden en dat er een reëel gevaar voor herhaling bestond gezien zijn antecedenten en betrokkenheid bij een jeugdgroep die overlast veroorzaakt.
De rechtbank stelde vast dat de last onder dwangsom een herstelsanctie is en niet punitief, en dat het opleggen ervan niet in strijd is met het ne bis in idem-beginsel. Ook is er voldoende bestuursrechtelijke rechtsbescherming bij invordering van de dwangsom. De rechtbank vond het middel geschikt, noodzakelijk en evenredig gezien de ernst van de overtreding en de geschiedenis van eiser. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en de dwangsom blijft van kracht.