Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoeker 1] e.a., uit [woonplaats 1] , verzoekers,
[verzoeker 2] e.a. uit [woonplaats 2] , verzoekers,
[verzoekster] uit [woonplaats 3] , verzoekster,
het college van burgemeester en wethouders van Tubbergen (het college)
derde-partijneemt aan de zaak deel:
het Centraal Orgaan opvang asielzoekersuit Den Haag (COa, vergunninghouder)
Inleiding
Spoedeisende belangen
Het bestreden besluit
- bouwen (artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo);
- strijd met een bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo);
- brandveilig gebruik (art. 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo).
Wet- en regelgeving
.Verder is het volgende van belang.
De beroepsgronden
- A. de totstandkoming van het bestreden besluit
- B. de ruimtelijke implicaties en
- C. de voorschriften die aan de omgevingsvergunning zijn verbonden.
De totstandkoming van het bestreden besluit
De ruimtelijke implicaties
- dat verweerder ten onrechte geen alternatieve locaties heeft onderzocht,
- dat verweerder heeft miskend dat sprake zal zijn van verkeersonveilige situaties en parkeeroverlast,
- dat het besluit in strijd is met redelijke eisen van welstand,
- dat hun woon- en leefklimaat onaanvaardbaar wordt aangetast,
- dat hierdoor dieren in het nabijgelegen bosgebied worden verstoord,
- dat de brandveiligheid niet is gewaarborgd.
De voorschriften die aan de omgevingsvergunning zijn verbonden