In deze civiele procedure staat centraal of gedaagde haar mededelingsplicht heeft geschonden bij het aangaan van een arbeidsongeschiktheidsverzekering bij NN. NN vordert terugbetaling van de aan gedaagde betaalde uitkeringen, stellende dat gedaagde onvolledig en onjuist informatie heeft verstrekt in de gezondheidsverklaring.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde belangrijke medische klachten en behandelingen uit het verleden niet heeft vermeld, terwijl deze relevant waren voor de acceptatie van de verzekering. Ook het feit dat gedaagde slechts 50% werkte vanwege medische redenen had vermeld moeten worden. Het handelen van de tussenpersoon ontslaat gedaagde niet van haar mededelingsplicht.
NN heeft tijdig aan gedaagde de schending van de mededelingsplicht gemeld binnen de wettelijke termijn. Medische adviezen van deskundigen maken aannemelijk dat NN de verzekering niet zou hebben geaccepteerd bij kennis van de ware stand van zaken. Hierdoor is NN bevoegd de onverschuldigde uitkeringen terug te vorderen. Het beroep van gedaagde op redelijkheid en billijkheid faalt.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van €243.895,71 plus wettelijke rente en proceskosten, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.