ECLI:NL:RBOVE:2024:6282
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking alcoholvergunning wegens hennepkwekerij
Verzoekers, leidinggevenden van een bistro, hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de burgemeester om hun alcoholwetvergunning in te trekken. Dit besluit volgde op de vondst van een hennepkwekerij in hun gezamenlijke woning, wat de burgemeester als slecht levensgedrag beoordeelde en onverenigbaar met het exploiteren van een alcoholschenkend bedrijf achtte.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het spoedeisende belang aanwezig was, omdat verzoekers afhankelijk zijn van de exploitatie van de bistro voor hun levensonderhoud en de intrekking een directe negatieve impact heeft. De burgemeester hoefde niet te wachten op de uitkomst van een eventuele strafrechtelijke procedure om het levensgedrag te beoordelen.
Op basis van de feiten, waaronder de aanwezigheid van 412 hennepplanten, henneptoppen, hennepgruis en stroomdiefstal, concludeerde de voorzieningenrechter dat verzoekers niet langer voldoen aan het vereiste van niet in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. De intrekking van de vergunning werd daarom terecht geacht. Tevens werd benadrukt dat intrekking en woningsluiting herstelmaatregelen zijn en geen dubbele bestraffing vormen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af, waardoor de intrekking van de alcoholvergunning in stand blijft. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de alcoholwetvergunning wordt afgewezen.