Eisers hebben hun woning verkocht aan gedaagde en een koopovereenkomst gesloten met een boetebeding van 10% van de koopsom. Gedaagde is tekortgeschoten door geen bankgarantie te stellen of waarborgsom te storten, wat hij erkent. Eisers ontbonden de koopovereenkomst en vorderden de boete van €21.250.
De kantonrechter oordeelt dat gedaagde de boete verschuldigd is, maar matigt deze naar €10.000. De matiging is gebaseerd op de geringe werkelijke schade van circa €3.105, het feit dat eisers de woning later voor een hogere prijs verkochten, en de bijzondere omstandigheden rondom de financiering die gedaagde niet kon realiseren door een vertraagde verdeling van de huwelijksgemeenschap.
Hoewel gedaagde niet reageerde op ingebrekestellingen en geen openheid gaf, acht de rechter het billijk de boete te matigen. De proceskosten worden aan gedaagde opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.