De rechtbank Overijssel behandelde het beroep van Stichting Natuurbeschermingswacht tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland om een omgevingsvergunning te verlenen voor de uitbreiding van een ligboxenstal op een perceel nabij het Natura 2000-gebied 'Weerribben'. De vergunning was verleend op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en betrof een bouwwerk van 1.080 m² naar 1.352 m².
Eiseres stelde dat verweerder eerst de gevolgen voor het Natura 2000-gebied had moeten beoordelen en dat de vergunning niet had mogen worden verleend voordat Gedeputeerde Staten een besluit namen over een separate aanvraag op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb). Zij voerde aan dat het wettelijk stelsel onvolledig is en in strijd met artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn (Hrl).
De rechtbank overwoog dat er geen wettelijke verplichting bestaat om een aanvraag voor een natuurvergunning aan te haken bij een omgevingsvergunning. De Wnb-procedure staat los van de Wabo-procedure. Verweerder heeft de vergunning terecht verleend op basis van artikel 2.10 Wabo. Het ontbreken van een aanhaakverplichting leidt niet tot het vervallen van de natuurvergunningplicht, die via handhaving kan worden afgedwongen. De rechtbank zag geen schending van Unierecht of inspraakrechten en verwierp het beroep als ongegrond.
De uitspraak werd gedaan door rechter J.W.M. Bunt en griffier Y. van Arnhem. Eiseres kreeg geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.