In deze bestuursrechtelijke zaak heeft het college van burgemeester en wethouders van Wierden beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door het college van Gedeputeerde Staten van Overijssel op een Woo-verzoek van 5 juni 2024. Het verzoek betrof openbaarmaking van alle stukken over Energiepark Daarle vanaf 1 januari 2022 tot de datum van het verzoek.
Het college stelde dat de Woo niet bedoeld is voor verzoeken van bestuursorganen, maar de rechtbank oordeelde dat de wet geen onderscheid maakt tussen verzoekers en dat ook bestuursorganen een Woo-verzoek kunnen indienen. De rechtbank vond steun in eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Het college had de beslistermijn opgeschort en om precisering gevraagd, maar ondanks ingebrekestelling op 3 september 2024 werd geen besluit genomen. De rechtbank verklaarde het beroep ontvankelijk en gegrond, legde het college een termijn van twee weken op om alsnog te beslissen en stelde een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000,- vast.
Verder werd het griffierecht van €371,- aan eiser vergoed. Een bestuurlijke dwangsom werd niet toegekend omdat de Woo die niet voorziet bij primaire besluiten. De uitspraak werd gedaan door rechter A.J.G.M. van Montfort op 20 januari 2025.