De gecertificeerde instelling (GI) verzocht de rechtbank om een machtiging tot uithuisplaatsing van een 14-jarige jongen in een 24-uurs accommodatie van een jeugdhulpaanbieder, vanwege zijn complexe problematiek en onveilige thuissituatie.
De jeugdige verbleef sinds februari 2025 zonder toestemming bij een tante, waar hij zich veilig voelde en wilde blijven wonen. Zowel de ouders als de GI waren het oneens over deze verblijfplaats. De moeder steunde het verzoek van de GI, de vader wilde dat de jongen bij hem terugkeerde. De jeugdige zelf wilde niet bij zijn ouders wonen en verzette zich tegen plaatsing elders.
De kinderrechter oordeelde dat de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk is voor de verzorging en opvoeding van de jongen, gezien zijn PTSS, loyaliteitsconflict en het ontbreken van een veilige en passende woonplek bij de ouders of tante. De GI bood een gespecialiseerde instelling aan die passende traumabehandeling kan bieden. Het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator werd afgewezen omdat de jeugdige zijn standpunt zelf duidelijk kon maken.
De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt. Na de mondelinge behandeling werd de jeugdige alsnog gehoord samen met zijn tante, die begrip toonde voor de beslissing en de noodzaak van behandeling erkende. De jeugdige blijft het oneens met de beslissing, maar de rechter handhaaft de machtiging tot uithuisplaatsing.