ECLI:NL:RBOVE:2025:5535
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen bestuurlijke boete wegens overtreding verantwoordingsplicht dierlijke meststoffen
Eiseres B.V. is door de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur beboet met een bedrag van €247.838 vanwege het niet kunnen verantwoorden van 22.758 kilogram fosfaat, een overtreding van de verantwoordingsplicht voor dierlijke meststoffen. Eiseres maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze boete. De rechtbank beoordeelde het beroep op 28 augustus 2025.
De rechtbank oordeelde dat de minister bevoegd was de boete op te leggen, aangezien de overtreding was vastgesteld binnen de wettelijke termijn van vijf jaar. De minister mocht het rapport van bevindingen van de NVWA als basis nemen, omdat dit rapport was opgesteld door een bevoegde toezichthouder en geen gegronde twijfel bood. De door eiseres aangevoerde indroging van fosfaat was onvoldoende onderbouwd om het rapport te betwisten.
Verder concludeerde de rechtbank dat de minister het boetebeleid correct had toegepast en dat de matiging van de boete met €2.500 vanwege termijnoverschrijding passend was. De hoorplicht was niet geschonden omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was en eiseres geen concrete betwisting had ingediend. Tot slot vond de rechtbank dat de boete in redelijke verhouding stond tot de ernst en verwijtbaarheid van de overtreding. Het beroep werd ongegrond verklaard, waardoor de boete in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €247.838 wordt ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.