ECLI:NL:RBOVE:2025:6114
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen besluit college inzake openbaarmaking documenten Sinterklaasintocht 2022
Eiser heeft op grond van de Wet open overheid (Woo) het college van burgemeester en wethouders van Staphorst verzocht om alle informatie over de Sinterklaasintocht van 19 november 2022 openbaar te maken. Het college heeft meerdere deelbesluiten genomen waarin ongeveer 300 documenten (deels) openbaar zijn gemaakt. Eiser maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar diende zijn bezwaarschrift te laat in, waardoor het college het bezwaar aanvankelijk niet-ontvankelijk verklaarde. Na herroeping van dit besluit heeft het college op 25 maart 2025 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen, waarin een inhoudelijke herbeoordeling van de documenten plaatsvond en uiteindelijk 283 documenten werden verstrekt.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het besluit van 18 september 2024 niet-ontvankelijk is omdat dit besluit is vervangen door het besluit van 25 maart 2025. Het beroep tegen het besluit van 25 maart 2025 wordt ongegrond verklaard. De rechtbank stelt vast dat het college voldoende inzichtelijk heeft gemaakt hoe de zoekslag naar documenten is uitgevoerd, waaronder het gebruik van specifieke zoektermen en het raadplegen van diverse systemen en communicatiekanalen. Het betoog van eiser dat de hoeveelheid documenten ongeloofwaardig is, wordt verworpen omdat eiser geen concrete aanwijzingen heeft gegeven dat er meer documenten onder het college berusten.
Hoewel eiser stelt dat hij niet is gehoord door de bezwaarschriftencommissie, is de rechtbank van oordeel dat dit geen nadelige gevolgen heeft gehad, aangezien eiser zijn standpunten mondeling op zitting heeft kunnen toelichten. Het verzoek van eiser om de gelakte en ongelakte documenten naast elkaar te leggen en de toepassing van weigeringsgronden integraal te controleren, wordt afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. De rechtbank draagt het college op het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 18 september 2024 is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 25 maart 2025 is ongegrond verklaard.