Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.Samenvatting
2.De procedure
3.Het geschil en de stand van zaken in deze procedure.
4.Het deskundigenrapport
Verder is er geen gebruik gemaakt van houten stelkozijnen ten behoeve van de later aan te brengen kunststofkozijnen.
De financiële onderbouwing van TOP-expertise kan de deskundige niet als zodanig onderschrijven onder meer omdat niet altijd duidelijk is of afwijkende keuzes in onderling overleg zijn gedaan, en [partij A] niet alles heeft hersteld.
Er hadden op dat moment alsnog stellatten/kozijnen met een PVC-slabbe aangebracht kunnen worden. Het is de fabrikant/leverancier van kozijnen die ervoor verantwoordelijk is dat deze geproduceerd/gemonteerd kunnen worden conform de geldende richtlijnen.
Partijen konden het niet eens worden over de door [partij B] uitgevoerde werkzaamheden. Daarom heeft de deskundige zelf een begroting gemaakt (bijlage 8 bij het rapport). De deskundige komt tot een waardebepaling voor het door [partij B] uitgevoerde werk van
€ 91.656,54inclusief BTW.
5.De conclusies na deskundigenbericht en de verdere reacties van partijen
6.De beoordeling
De rechtbank heeft geen reden om dat niet als juist aan te nemen en ziet dus geen aanleiding het rapport om deze reden naast zich neer te leggen.
€ 2.001,00.
aan hem( [partij A] ) gerichte offerte van [bedrijf 1] ondertekent. De overeenkomst is dus met [partij A] gesloten en niet met [partij B] . De factuur die bij het deskundigenbericht is overgelegd en die gericht is aan [partij B] , is [partij B] onbekend. [partij A] heeft alleen de (valse)
factuuraan de deskundige gestuurd en niet de bijbehorende
offerte. Het doel zal zijn om te stellen dat het leveren van de kozijnen tot de opdracht van [partij B] behoorde. Dat is in strijd met artikel 21 Rv Pro.
zijnuitgave heeft aangemerkt.
€ 500,00.
€ 3.821,40.
stalen lateienheeft gekocht en voor € 596,72 aan houten balken. De door [partij B] op zijn bankafschriften getoonde bedragen zijn niet door hem bij [bedrijf 4] uitgegeven. De “bankafschriften” zijn ook geen echte bankafschriften, ze zijn geknutseld.
€ 9.380,99van het bedrag voor de waarde van het werk van [partij B] , moet worden afgetrokken.
€ 3.821,40 +
€ 1.497,00 +
€ 91.656,54 +
€ 9.380,99 –
€ 90.901,15
De uitleg die [partij B] in zijn akte heeft gegeven van de getallen, maakt een en ander duidelijker. De getallen die [partij B] telkens noemt kloppen in elk geval met elkaar en met de stukken waar [partij B] in zijn conclusie van antwoord naar verwijst.
€ 66.090,00.
€ 16.404,71. Van deze betalingen heeft [partij B] bankafschriften overgelegd.
De in de akte van 10 mei 2023 genoemde bedragen komen hier ook op voor. Voor zover op pagina 27 en/of 28/29 meer bedragen staan dan in de akte van 10 mei 2023, gaat de rechtbank daaraan voorbij. Een deel van deze betalingen zijn kennelijk met latere facturen verrekend, en voor een deel is het wellicht ook niet meer te bewijzen (contant doorbetaald), maar hoe dan ook zal de rechtbank moeten uitgaan van de bedragen die door [partij B] zijn genoemd in zijn meest recente akte.
€ 42.728,44(alle bedragen zijn inclusief BTW).
€ 6.534,00. Deze vordering is op basis van artikel 6:95 juncto Pro 6:96, lid 2 BW toewijsbaar. De wettelijke rente is verschuldigd vanaf 28 augustus 2020 (14 dagen na factuurdatum 14 augustus 2020).
€ 955,92(factuur overgelegd als bijlage bij productie 2). [partij A] heeft deze factuur naar eigen zeggen ten onrechte betaald zodat er sprake is van onverschuldigde betaling. De rechtbank constateert dat hiertegen geen verweer is gevoerd, zodat dit onderdeel van de vordering in beginsel toewijsbaar is. De rechtsgrond is daarbij niet onverschuldigde betaling ( [partij A] heeft niet ongerechtvaardigd aan [partij B] betaald), maar ongerechtvaardigde verrijking. De wettelijke rente is verschuldigd vanaf 3 december 2019 omdat het bedrag van de factuur 8 dagen na de factuurdatum automatisch zou worden afgeschreven.
- griffierecht € 1.666,00
- kosten dagvaarding € 108,22
- kosten beslag € 1.431,63
€ 178,00 +(+ de vermeerdering zoals vermeld
€ 11.664,22
- deskundige [deskundige] (handtekening) € 2.541,00 (reeds voldaan)
- deskundige Elfrink (bouw):
7.De beslissing
aan de rechtbankbinnen veertien dagen na de dagtekening van dit vonnis;