ECLI:NL:RBOVE:2025:6792
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke afwijzing verzoek inzage politiegegevens bevestigd door rechtbank
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het besluit van de korpschef van politie om zijn verzoek om inzage in politiegegevens slechts gedeeltelijk te honoreren. De korpschef had het verzoek deels afgewezen op grond van de weigeringsgronden in artikel 27, eerste lid, onder a, b, c en d, van de Wet politiegegevens (Wpg).
De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is het beroep te behandelen, omdat bezwaar tegen dit besluit niet mogelijk is. De korpschef heeft de gedeeltelijke weigering gemotiveerd, waarbij onder geheimhouding nadere toelichting is gegeven. De rechtbank acht deze motivering toereikend en noodzakelijk om de belangen te beschermen die in artikel 27 Wpg Pro zijn genoemd, zoals het voorkomen van belemmering van gerechtelijke onderzoeken, bescherming van de openbare veiligheid en de rechten van derden.
Eiser voerde aan dat de motivering te algemeen was en dat hij als verdachte in eerdere strafzaken al inzage had gekregen. De rechtbank stelt dat het recht op inzage geen absoluut recht is en dat de belangen van politie en derden zwaarder wegen. Ook het feit dat eiser mogelijk bekend is met een deel van de gegevens, maakt geen verschil. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee de gedeeltelijke afwijzing van het inzageverzoek.
Uitkomst: Het beroep tegen de gedeeltelijke afwijzing van het inzageverzoek wordt ongegrond verklaard.