Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Esprit Real Estate I B.V.uit Holten,
Rechtbank Overijssel
In deze zaak staat de omgevingsvergunning ter discussie die het college aan Esprit heeft verleend voor het realiseren van een huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten. De vraag die speelt is of het gebruik van de huisvestingslocatie past binnen de bestemming ‘Horeca’, die is verbonden aan het perceel waar de huisvestingslocatie moet komen. Daarnaast is aan de orde of de vergunning als wijzigingsbesluit kan worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb). De voorzieningenrechter oordeelt dat het wijzigingsbesluit een besluit is in de zin van artikel 6:19 van de Awb. Daarnaast oordeelt zij dat het college de omgevingsvergunning heeft kunnen verlenen. Het gebruik van de huisvestingslocatie past binnen de bestemming ‘Horeca’. De Eendracht krijgt dus geen gelijk en het beroep is ongegrond. Omdat de voorzieningenrechter uitspraak doet op het beroep, wijst zij het verzoek om een voorlopige voorziening af. De Eendracht, een onderneming in veevoer, heeft bezwaar gemaakt tegen de omgevingsvergunning die aan Esprit is verleend. Het college heeft de vergunning herroepen, maar na een gewijzigde aanvraag van Esprit is de vergunning opnieuw verleend. De voorzieningenrechter heeft het beroep van de Eendracht ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, omdat het beoogde gebruik van de huisvestingslocatie in overeenstemming is met het bestemmingsplan.