2.4.Na het doorlopen van de wachttijd heeft eiseres op 7 april 2023 een WIA-uitkering aangevraagd. Na verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek heeft de besluitvorming plaatsgevonden, zoals hiervoor onder Procesverloop is weergegeven.
3. Aan het bestreden besluit ligt het standpunt van het UWV ten grondslag dat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt is.
4. Eiseres heeft – samengevat weergegeven – aangevoerd dat haar medische beperkingen zijn onderschat en dat de arbeidskundige beoordeling onjuist is. Eiseres is van mening dat zij 80-100% arbeidsongeschikt is.
5. De rechtbank beoordeelt of het UWV terecht heeft beslist dat eiseres met ingang van 10 juli 2023 (de datum in geding) niet in aanmerking komt voor een WIA-uitkering, omdat zij voor minder dan 35% (namelijk 17,12%) arbeidsongeschikt is. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres.
Is het onderzoek zorgvuldig?
6. Het UWV mag zijn besluiten over arbeidsongeschiktheid baseren op rapporten van zijn verzekeringsartsen. Deze rapporten moeten dan wel op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen en geen tegenstrijdigheden bevatten. De conclusies moeten logisch voortvloeien uit de rapportages. Daarvan is in dit geval sprake.
7. De verzekeringsarts heeft het dossier en de daarin aanwezige medische informatie over eiseres bestudeerd. Hierbij is de beschikbare medische informatie van de neuroloog, neurochirurg, anesthesioloog, huisarts en plastisch chirurg betrokken en is naar de eerdere verzekeringsgeneeskundige rapporten gekeken. De verzekeringsarts heeft eiseres gezien op het spreekuur van 9 januari 2024. De verzekeringsarts heeft de conclusies voldoende begrijpelijk neergelegd in het rapport van 10 januari 2024. De verzekeringsarts heeft dit rapport nog aangevuld op 13 februari 2024 naar aanleiding van nog binnengekomen medische informatie van de huisarts.
8. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft het dossier bestudeerd en de hoorzitting op 6 januari 2025 bijgewoond. Er is lichamelijk onderzoek verricht en de verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft de door eiseres in bezwaar overgelegde medische informatie bij de beoordeling betrokken. Hij heeft de conclusies voldoende begrijpelijk beschreven in het rapport van 10 februari 2025.
Is de verzekeringsgeneeskundige beoordeling juist?
9. De verzekeringsarts heeft aangenomen dat eiseres bekend is met diverse klachtcomplexen dan wel aandoeningen. Volgens de verzekeringsarts is eiseres niet volledig arbeidsongeschikt. De verzekeringsarts heeft, als direct en rechtstreeks gevolg van de aangenomen stoornissen, eiseres in dynamische en statische zin beperkt geacht ten aanzien van belasting van de wervelkolom (onderrug, nek) en handen/polsen, forse mentale belasting en forse energetische belasting. De beperkingen en resterende functionele mogelijkheden zijn weergegeven in de Functionele mogelijkhedenlijst (hierna: FML) van 10 januari 2024.
10. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft aangenomen dat eiseres op de datum in geding is aangewezen op neksparende, rugsparende, rechter kniesparende, armsparende en handsparende werkzaamheden. Dit zijn fysiek niet te zware werkzaamheden waarbij de nek, rug, rechterknie, armen en handen niet in de uiterste standen bewogen dienen te worden en waarbij deze gewrichten niet fysiek langdurig dienen te worden belast. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft op basis van het onderzoek in bezwaar vastgesteld dat de medische situatie van de nek, rug, de rechterknie en de status na de CTS- en ulnaris neurolyse aan beide zijden maakt dat eiseres op datum in geding aanvullend beperkt is ten aanzien van langdurig en frequent schrijven, beiderzijds beperkt is voor met meer dan gemiddelde kracht knijpen en grijpen, langdurig of frequent maken van repetitieve hand-/vingerbewegingen en het maken van schroefbewegingen met de handen en armen in combinatie met meer dan gemiddelde kracht zetten. Verder heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep eiseres sterk beperkt geacht voor frequent reiken, licht beperkt voor zitten en zitten tijdens het werk, is het maken van hoofdbewegingen beperkt in alle richtingen, zijn het frequent buigen, lopen, lopen tijdens het werk, knielen en hurken en het staan tijdens het werk beperkt. Verder is eiseres niet geschikt geacht voor het dragen van zware persoonlijke beschermingsmiddelen en dient zij tevens niet te worden blootgesteld aan grove trillingen, schokken dan wel stoten via een steunvlak zoals een stoel of vloer. Vanwege de andere gespecificeerde angststoornis en de persoonlijkheidsproblematiek is eiseres aangewezen op een voorspelbare werksituatie zonder veelvuldige deadlines of productiepieken, is zij beperkt ten aanzien van het omgaan met conflicten en niet geschikt voor intensief klantencontact, hulpbehoevendencontact, patiëntencontact en werk met leidinggevende aspecten. De astma maakt dat eiseres niet dient te worden blootgesteld aan stof, rook, gassen en dampen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft dit vastgelegd in de FML van 10 februari 2025. In de FML is tevens aangegeven dat – uitgaande van de Standaard Duurbelastbaarheid in Arbeid – geen sprake is van een verminderde beschikbaarheid.
11. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit de rapporten van de verzekeringsartsen dat zij op de hoogte waren van de klachten van eiseres. In de FML is rekening gehouden met het geobjectiveerde deel van de klachten. Eiseres heeft weliswaar gesteld dat zij, gelet op de medisch geobjectiveerde problemen aan de nek, rug, rechterknie, armen en handen, niet in staat is te knielen of te hurken en dat haar schouderklachten en nekklachten zijn onderschat, maar zij heeft in beroep geen medische informatie ingestuurd waaruit opgemaakt kan worden dat de voor haar vastgestelde belastbaarheid aanpassing behoeft. Volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroepis bij het vaststellen van beperkingen niet de subjectieve, persoonlijke klachtbeleving bepalend, maar dat wat objectief medisch is vast te stellen. Het is daarbij de specifieke deskundigheid van de verzekeringsarts om op grond van de beschikbare medische gegevens de beperkingen tot het verrichten van arbeid vast te stellen. Eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de beperkingen in de FML ten aanzien van knielen, hurken of abductie/elevatie niet goed heeft vastgesteld. Ook heeft eiseres geen medische documenten overgelegd waaruit afgeleid moet worden dat in de FML onvoldoende rekening is gehouden met de nekklachten van eiseres.
12. Eiseres heeft zich op het standpunt gesteld dat ten onrechte geen urenbeperking is aangenomen in de FML. Zij heeft tal van fysieke en psychische klachten, waardoor de energiehuishouding ernstig is verstoord. Omdat zowel sprake is van een te groot energieverbruik als van de verminderde mogelijkheden tot recuperatie, had een urenbeperking aangenomen moeten worden en is de Standaard Duurbelastbaarheid in Arbeid naar haar mening niet goed toegepast.