Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
IceBear Steenwijk B.V.(hierna: IceBear) (gemachtigde: mr. M. Bekooy).
Rechtbank Overijssel
Eisers verzochten het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland handhavend op te treden tegen IceBear vanwege vermeende strijd met het bestemmingsplan en het ontbreken van een milieuvergunning. Het college wees dit verzoek af, waarna eisers beroep instelden tegen deze afwijzing.
De rechtbank oordeelt dat eisers nog steeds procesbelang hebben ondanks het faillissement van IceBear, omdat een mogelijke doorstart van het bedrijf reëel is. De rechtbank stelt vast dat de bedrijfsactiviteiten van IceBear, namelijk de productie van palletblokken uit afvalhout, niet voorkomen in de bedrijvenlijst van het bestemmingsplan, maar dat deze qua milieueffecten vergelijkbaar zijn met toegestane activiteiten in milieucategorie 3.2, met name de subcategorie "Fineer- en plaatmaterialenfabrieken".
De rechtbank weegt de door eisers aangevoerde verschillen in productieproces en milieueffecten af en concludeert dat deze verschillen onvoldoende zijn om tot een andere beoordeling te komen. Ook het feit dat voor palletblokken een milieuvergunning vereist is en voor plaatmateriaal niet, leidt niet tot een andere conclusie omdat het om verschillende toetsingskaders gaat.
Daarmee is geen sprake van een overtreding van het bestemmingsplan en is het handhavingsverzoek terecht afgewezen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eisers krijgen geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eisers wordt ongegrond verklaard en het handhavingsverzoek tegen IceBear blijft afgewezen.