Eiser is eigenaar van een woning met de bestemming 'Bedrijf' waarop een last onder dwangsom is opgelegd om de woning niet anders dan als dienstwoning te gebruiken. Drie keer is geconstateerd dat de woning werd bewoond door arbeidsmigranten die niet voldeden aan de bestemming. Verweerder vordert betaling van in totaal €30.000,- aan dwangsommen.
Eiser voert aan dat het gebruik van de woning niet in strijd is met de bestemming en dat de derde dwangsom niet verbeurd is omdat op die datum geen controle heeft plaatsgevonden. De rechtbank oordeelt dat de formele rechtskracht van het sanctiebesluit doorbroken kan worden indien evident geen overtreding is, maar stelt vast dat dit niet het geval is. De samenhang tussen 'wonen' en 'dienstwoning' in de beheersverordening maakt het niet evident dat geen overtreding is gepleegd.
Verder stelt de rechtbank vast dat de woning op de controledata wel degelijk anders dan als bedrijfswoning werd gebruikt en dat de overtreding op 11 september 2023 voortduurde, ondanks het ontbreken van een controle op die dag. De beroepen falen en de dwangsommen moeten worden betaald.