Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De vordering van de officier van justitie
2.De procedure
3.De standpunten van partijen
4.De beoordeling van de vordering
contanteinkomsten en
contanteuitgaven. Girale inkomsten, zoals uitbetalingen door [voetbalclub 1] , [voetbalclub 2] en CFK zijn aldus terecht buiten beschouwing gelaten. Dat veroordeelde daarnaast uit deze bronnen legale contante bedragen heeft ontvangen, is niet aannemelijk geworden. Ten aanzien van zijn inkomen als voetbalscout en/of voetbalmakelaar is in het vonnis van 12 maart 2026 reeds vastgesteld dat deze activiteiten verliesgevend zijn geweest.
5.De wettelijke voorschriften
6.De beslissing
- legt de veroordeelde de verplichting op tot betaling van € 2.000.000,-- (zegge: twee miljoen euro) aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;
- bepaalt de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van Pro het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 1.080 dagen.