ECLI:NL:RBOVE:2026:1607

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
24 maart 2026
Publicatiedatum
26 maart 2026
Zaaknummer
11861574 \ CV EXPL 25-2605
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:296 lid 1 BWArt. 6:96 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling openstaand cursusgeld ondanks niet-volledige opleiding

V-Kam Education B.V. vordert betaling van een openstaande factuur van €5.347,78 voor de opleiding Middelbare Veiligheidskunde, inclusief wettelijke rente en incassokosten. SAKRO Holding B.V. betwist de vordering en stelt dat de opleiding wegens medische redenen niet kon worden voortgezet, en wil slechts betalen voor de gevolgde lesdagen.

De kantonrechter stelt vast dat SAKRO bij inschrijving akkoord is gegaan met algemene voorwaarden die betaling van het volledige cursusgeld verplichten, ongeacht het al dan niet volledig volgen van de cursus. Ondanks herhaalde betalingsverzoeken en een betalingsregeling, heeft SAKRO de resterende termijnen niet voldaan.

Gezondheidsklachten werden pas na het uitbrengen van de dagvaarding gemeld, en er is geen bewijs dat SAKRO eerder contact heeft gezocht om afspraken te maken. Daarom is SAKRO gehouden het volledige cursusgeld te betalen, inclusief wettelijke rente vanaf 15 juli 2025 en €200 aan buitengerechtelijke incassokosten. Tevens is SAKRO veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

Uitkomst: SAKRO is veroordeeld tot betaling van het volledige openstaande cursusgeld, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer: 11861574 \ CV EXPL 25-2605
Vonnis van 24 maart 2026
in de zaak van
V-KAM EDUCATION B.V.,
te Genemuiden,
eisende partij,
hierna te noemen: V-Kam,
gemachtigde: mr. H.M. Mauritz,
tegen
SAKRO HOLDING B.V.,
te Groningen,
gedaagde partij,
hierna te noemen: SAKRO,
procederend bij haar bestuurder [naam].

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 19 februari 2026.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil

2.1.
V-Kam vordert – samengevat – dat SAKRO wordt veroordeeld tot betaling van een openstaande factuur van € 5.347,78 ter zake van de door V-Kam aangeboden opleiding Middelbare Veiligheidskunde. Verder vordert V-Kam de wettelijke rente over dit bedrag, tot 14 juli 2025 berekend op € 130,71 en een bedrag van € 200,- aan buitengerechtelijke incassokosten.
2.2.
Aan haar vordering legt V-Kam het volgende ten grondslag. Volgens V-Kam is sprake van een vordering tot nakoming als bedoeld in artikel 3:296 lid 1 BW Pro. De betalingsverplichting van Sakro vloeit voort uit een tussen partijen gesloten overeenkomst van opdracht, waarvan V-Kam nakoming vraagt.
2.3.
SAKRO voert verweer. Zij betwist de vordering en stelt dat de opleiding om medische redenen niet kon worden voortgezet. Aanvankelijk bestond de verwachting dat de opleiding op een later moment zou kunnen worden hervat, maar vanwege aanhoudende gezondheidsklachten is dat niet mogelijk gebleken. SAKRO geeft aan bereid te zijn de kosten van de drie gevolgde lesdagen te voldoen, maar vindt betaling van het meerdere niet redelijk.
2.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

3.De beoordeling

3.1.
Op 28 november 2024 heeft [naam] zich namens SAKRO aangemeld voor de opleiding Middelbare Veiligheidskunde, die op 14 januari 2025 van start ging. De totale kosten van de opleiding bedragen € 8.347,79. Bij de aanmelding heeft SAKRO ingestemd met de algemene voorwaarden van V-Kam. Vervolgens heeft SAKRO verzocht om betaling van het cursusgeld in drie termijnen, waarna een betalingsregeling tussen partijen is vastgelegd. Na betaling van de eerste termijn heeft Sakro de overige twee termijnen niet voldaan. In de toepasselijke algemene voorwaarden, artikel 3, lid a, is opgenomen dat:
"De opdrachtgever zich bij inschrijving verbindt tot betaling van het gehele cursusgeld, ongeacht of de cursus volledig, gedeeltelijk of niet wordt gevolgd."
3.2.
Uit de door V-Kam en SAKRO overgelegde e-mailcorrespondentie blijkt dat de [naam] de eerste lesdag op 14 januari 2025 niet kon bijwonen vanwege een vertraagde vlucht vanuit de Verenigde Staten. Vervolgens heeft hij drie lesdagen daadwerkelijk gevolgd. Op 25 februari 2025 heeft hij zich opnieuw afgemeld, ditmaal wegens griep. Op 3 maart 2025 heeft [naam] zich vervolgens gemeld met de mededeling dat de griep een longontsteking blijkt te zijn, waardoor hij zeker twee tot drie weken uit de running is. Hij verzoekt om overleg over de mogelijkheid om de opleiding op een later tijdstip door te zetten of eventueel opnieuw te beginnen.
3.3.
Vervolgens is in overleg met V-Kam afgesproken dat [naam] de opleiding in het najaar zou hervatten. In een mail van 27 maart 2025 is dat bevestigd aan [naam]. V-Kam heeft [naam] er toen ook op gewezen dat de cursusgelden betaald moeten worden zoals afgesproken in de betalingsregeling.
3.4.
Omdat SAKRO de overeengekomen betalingstermijnen niet is nagekomen en V-Kam telefonisch geen contact kreeg met SAKRO, heeft V-Kam de vordering uit handen gegeven aan zijn gemachtigde. Nadat er geen reactie volgde op de betalingsverzoeken van de gemachtigde is op 25 juli 2025 overgegaan tot het uitbrengen van een dagvaarding. Op de diezelfde heeft [naam] in een mail aan V-Kam laten weten dat hij de cursus vanwege ernstige gezondheidsklachten moet annuleren. Hij verzoekt om terugbetaling van het al betaalde bedrag, verminderd met de door V-Kam gemaakte kosten.
3.5.
De kantonrechter is van oordeel dat V-Kam recht heeft op de volledige betaling van de cursusgelden. Uit de afgesproken voorwaarden volgt dat SAKRO het gehele cursusgeld moet betalen, ook als de cursus niet of slechts gedeeltelijk wordt gevolgd. De omstandigheid dat SAKRO slechts drie lesdagen heeft bijgewoond, betekent dus niet dat enkel daarvoor cursusgeld hoeft te worden betaald. Alleen als partijen expliciet anders zijn overeengekomen, kan van deze bepaling worden afgeweken, en dat is niet gebleken. Immers pas op de dag dat de dagvaarding aan hem bekend is gemaakt, heeft [naam] zich bij V-Kam gemeld met de boodschap dat hij ernstige gezondheidsklachten heeft, die maken dat hij de cursus niet meer zou kunnen volgen. Niet is gebleken dat SAKRO na de laatste mail van
V-Kam in maart 2025, en de betalingsverzoeken van de gemachtigde van V-Kam van 24 april 2025 en 27 mei 2025 iets heeft laten horen, of heeft verzocht tot afspraken te komen. SAKRO heeft dat wel gesteld in de conclusie van antwoord, maar dat is niet onderbouwd met bijvoorbeeld mails, terwijl V-Kam dat ook ontkent.
Rente
3.6.
Nu SAKRO de facturen onbetaald heeft gelaten, is zij aan V-Kam de wettelijke rente verschuldigd. Tot en met 14 juli 2025 is deze rente berekend op € 130,71. Daarnaast wordt de wettelijke rente toegewezen over een bedrag van € 5.347,78 vanaf 15 juli 2025 tot aan de dag van volledige betaling.
Buitengerechtelijke incassokosten
3.7.
V-Kam vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Partijen zijn een vergoeding overeengekomen in de algemene voorwaarden die van de wettelijke regeling afwijkt. Omdat SAKRO heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf, mag van de wettelijke regeling worden afgeweken. Daarom zal een bedrag van € 200,00 worden toegewezen.
De proceskosten
3.8.
SAKRO is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van V-Kam worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
119,40
- griffierecht
543,00
- salaris gemachtigde
720,00
(2 punten × € 360,00)
- nakosten
144,00
Totaal
1.526,40
3.9.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
veroordeelt SAKRO om aan V-Kam te betalen een bedrag van € 5.478,49, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over een bedrag van € 5.347,78, met ingang van 15 juli 2025, tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt SAKRO om aan V-Kam te betalen een bedrag van € 200,00 aan buitengerechtelijke kosten,
4.3.
veroordeelt SAKRO in de proceskosten van € 1.526,40, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als SAKRO niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.4.
veroordeelt SAKRO tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
4.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.R.H. Lutjes en in het openbaar uitgesproken op 24 maart 2026. (jb)