ECLI:NL:RBOVE:2026:268
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen beëindiging opvang asielzoeker
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Overijssel heeft op 21 januari 2026 uitspraak gedaan over het verzoek van eiser tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Wierden om hem uit te schrijven en te laten vertrekken uit de gemeente.
Eiser stelde dat door het besluit zijn opvang beëindigd zou worden, waardoor hij dakloos zou raken en een acute noodsituatie zou ontstaan. Het college had echter aangegeven dat eiser, vanwege zijn lopende asielprocedure, recht heeft op opvang in een aanmeldcentrum elders in Nederland.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen sprake is van onverwijlde spoed omdat eiser niet dakloos wordt en zijn recht op opvang blijft bestaan. Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening kennelijk ongegrond verklaard en zonder zitting afgewezen. De uitspraak bindt niet in een eventueel bodemgeding en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan onverwijlde spoed omdat eiser recht heeft op opvang tijdens zijn asielprocedure.