Het college van burgemeester en wethouders van Losser besloot op 17 april 2026 de verstrekkingen aan een Oekraïens gezin per 5 mei 2026 te beëindigen en hen over te plaatsen naar een opvanglocatie in Hengelo vanwege vermeend intimiderend en bedreigend gedrag van de eiser richting medewerkers. De eiser maakte bezwaar en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college onvoldoende heeft onderbouwd dat sprake is van overtreding van de huisregels, omdat het dossier geen concrete bewijzen bevat van agressief gedrag. Het stappenplan dat het college hanteert is niet vastgelegd in huisregels en werd niet volledig gevolgd. Ook is onvoldoende rekening gehouden met de medische en persoonlijke omstandigheden van het gezin, zoals de toewijzing van een kamer op de vijfde verdieping.
Gezien het spoedeisend belang van de eiser en het gebrek aan zorgvuldigheid en dossieropbouw door het college, weegt het belang van de eiser zwaarder dan dat van het college. De voorzieningenrechter schorst het besluit tot de beslissing op bezwaar en bepaalt dat de verstrekkingen niet eerder dan twee weken na die beslissing mogen worden beëindigd. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.