Uitspraak
1.De procedure
- de brief van [gedaagde], aangemerkt als conclusie van antwoord;
2.De feiten
Het gaat mij niet om die pizza.
gescheiden van”, “
enigszins hysterisch”, “
De Vlamingen: ‘Ik zie u graag’ ook: hij is heel visueel ingesteld” en bij een gedicht: “
geschreven toen ik nog met hem dweepte zijn duistere kant(en) niet vermoedde” en “(…)
je kunt iemand minachten en toch van hem houden”. [gedaagde] heeft daarbij een brief gevoegd met opmerkingen als: “
Ergens ben je wel lief, maar val toch een psychopaat, toch?” en opmerkingen over de zoon van [naam] en zijn huwelijkse staat. [gedaagde] heeft het printje met opmerkingen en de brief afgegeven bij de Stichting.
slachtoffers van biologie” zouden zijn, en met opmerkingen als: “
Mijn liefde voor [naam].” ([naam] ). In mei 2023 heeft [gedaagde] een ansichtkaart naar het prive-adres van [naam] gestuurd. Ook heeft zij een e-mail naar de voormalig werkgever van [naam] gestuurd. Daarnaast heeft [gedaagde] een brief gestuurd naar het adres van de oom van [naam].
het huwelijksbootje” en “
Ik ben verkikkerd op je zei eend Kwak want wij zijn soulmates; verwanten in de ziel en dat betekent meer dan sexappeal”.
intimideren, vernederen, sexuele intimidatie, discrimineren”. De brieven van [gedaagde] bevatten verder teksten als:
de moraal van konkelen en samenzweren is beslist niet vreemd aan sommige medewerkers S.AG.”
[ik heb haar leren kennen] als een kil, uitgekookt, materialistisch zakenvrouwtje”.