ECLI:NL:RBROE:2007:BB9609
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- O.M. de Lange
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid kantonrechter bij gemengde exploitatie- en huurovereenkomst bedrijfsruimte
De zaak betreft een geschil tussen Beheer Klein Vink B.V. en [VDL] B.V. over een exploitatieovereenkomst, huurovereenkomst en koopovereenkomst met betrekking tot bedrijfsruimte en horeca-inventaris. De kern van het geschil is de uitleg en uitvoering van deze overeenkomsten, met name de vraag welke rechter bevoegd is.
Klein Vink stelt dat de huurovereenkomst het centrale element is en dat de kantonrechter daarom bevoegd is. [VDL] betoogt dat de exploitatieovereenkomst de kern vormt en dat de civiele sector van de rechtbank ’s-Hertogenbosch bevoegd is. De kantonrechter oordeelt dat de huurovereenkomst onmiskenbaar onderdeel is van de contractuele verhouding en dat de bepalingen betreffende huur van bedrijfsruimte van toepassing zijn, waardoor de kantonrechter absolute bevoegdheid heeft.
Verder wijst de kantonrechter het verzet van [VDL] tegen de vermeerdering van eis af, hoewel [VDL] de mogelijkheid krijgt om een nadere conclusie van antwoord te nemen. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere processtukken en eventuele comparitie. Het geschil over de inhoudelijke contractuele kwesties blijft onbesproken in dit vonnis.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart zich absoluut bevoegd en wijst het verzet tegen de eiswijziging af.