ECLI:NL:RBROE:2009:BJ5598
Rechtbank Roermond
- Raadkamer
- J.M.P. Drijkoningen
- A.H.M.J.F. Piëtte
- M.B.T.G. Steeghs
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid OM bij verlenging terbeschikkingstelling wegens ontbreken gemaximeerde maatregel
De rechtbank Roermond behandelde op 4 augustus 2009 de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van een veroordeelde, opgelegd wegens afpersing en diefstal met braak. De terbeschikkingstelling was eerder opgelegd bij vonnis van 22 april 2003 en reeds eenmaal verlengd.
De verdediging voerde aan dat het OM niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat het oorspronkelijke vonnis niet vermeldde dat het om een niet-gemaximeerde maatregel ging, zoals vereist op grond van artikel 359 lid 7 en Pro 8 Wetboek van Strafvordering. De rechtbank stelde vast dat de maatregel gemaximeerd is tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald door de rechter die de maatregel oplegt.
De rechtbank oordeelde dat het vonnis van 22 april 2003 geen duidelijke keuze bevatte voor een niet-gemaximeerde terbeschikkingstelling. De motivering in het vonnis betrof een grove inbreuk op de geestelijke integriteit, maar niet expliciet de lichamelijke integriteit, wat noodzakelijk is voor een niet-gemaximeerde maatregel. Daarom is de maximale duur van vier jaar bereikt en is de vordering tot verlenging niet ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling omdat het vonnis geen keuze voor een niet-gemaximeerde maatregel bevatte.