ECLI:NL:RBROE:2010:BN5779
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vordering onderzoek rijgeschiktheid na aantreffen onder invloed in geparkeerd voertuig
Eiser werd op 8 november 2009 door de politie aangetroffen op de bestuurdersplaats van zijn geparkeerde auto met brandende verlichting en de sleutel in het contact, terwijl hij onder invloed van hasjiesj was. Hij ontkende te hebben gereden of dit te hebben willen doen. Verweerder vorderde op grond van de Wegenverkeerswet 1994 en de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid een onderzoek naar de rijgeschiktheid van eiser.
Eiser stelde dat het bevoegd gezag niet bevoegd was tot het vorderen van het onderzoek omdat niet aannemelijk was dat hij onder invloed een motorvoertuig had bestuurd, verwijzend naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De rechtbank oordeelde dat de regelgeving duidelijk bepaalt dat een onderzoek kan worden gevorderd indien betrokkene is aangehouden onder invloed van drogerende stoffen, ongeacht of dit tijdens het besturen van een voertuig was.
De rechtbank stelde vast dat de constatering van de politie, waaronder de sterke wietlucht, bloeddoorlopen ogen en verwijde pupillen, en de aanwezigheid van eiser op de bestuurdersplaats met sleutel in het contact, voldoende grond vormden voor de vordering van het onderzoek. De rechtbank verwierp het beroep en verklaarde het ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vordering tot onderzoek naar rijgeschiktheid wordt ongegrond verklaard.