ECLI:NL:RBROE:2011:BT2080
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning bedrijfskrediet onder onredelijke voorwaarden en bovenforfaitaire proceskostenvergoeding
Eisers, exploitanten van een transportbedrijf, vroegen een lening aan op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) vanwege een belastingschuld. Verweerder wees de aanvraag aanvankelijk af op advies van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK) dat het bedrijf niet levensvatbaar was. Na bezwaar en aanvullend advies besloot verweerder alsnog een lening van €59.000 toe te kennen onder opschortende voorwaarden.
Eisers stelden zich op het standpunt dat enkele voorwaarden onredelijk en onjuist waren, met name de eis dat het rekening-courantkrediet niet mocht worden afgelost en dat lijfrentepolissen moesten worden afgekocht, wat contractueel niet mogelijk was. Verweerder verscheen niet op de zittingen ondanks oproep, waardoor de rechtbank de twijfel over feiten ten gunste van eisers wegneemt.
De rechtbank oordeelde dat de opschortende voorwaarden onredelijk en feitelijk onjuist waren en vernietigde het bestreden besluit. Vervolgens wees zij zelf het krediet toe met aangepaste voorwaarden. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eisers, waarbij een bovenforfaitaire vergoeding van €10.000 werd toegekend vanwege laakbaar en traag handelen van verweerder, het niet nakomen van hoorplicht en onnodige kosten voor eisers.
De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige besluitvorming door bestuursorganen en het recht van belanghebbenden op redelijke voorwaarden en adequate rechtsbescherming.
Uitkomst: Het bedrijfskrediet wordt toegekend onder aangepaste voorwaarden en verweerder wordt veroordeeld tot een bovenforfaitaire proceskostenvergoeding van €10.000.