ECLI:NL:RBROT:2001:AB1378
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G.M. Simons
- L.C.P. Goossens
- E.I. van den Bos-Boomsma
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Rotterdam bevestigt rechtmatigheid verdeling FM- en AM-frequenties onder niet-landelijke commerciële radio-omroepen
De rechtbank Rotterdam behandelde een meervoudige bestuursrechtelijke procedure over de verdeling van 33 FM- en 7 AM-frequenties per 1 januari 1999 onder niet-landelijke commerciële radio-omroepen. De besluiten van 31 augustus 1998, waarbij machtigingen werden verleend en aanvragen werden afgewezen, stonden centraal. Diverse partijen maakten bezwaar en beroep tegen de besluiten en het toegepaste verdelingsbeleid.
De rechtbank oordeelde dat het oude materiële recht, de Wet op de telecommunicatievoorzieningen (WTV), van toepassing is op deze procedures. Het verdelingsbeleid, dat onder meer uitgaat van prioriteit voor reeds actieve commerciële omroepen en het hanteren van objectieve criteria zoals marktaandeel en inkomsten, werd niet onredelijk of onrechtmatig bevonden. De rechtbank verwierp onder meer de stellingen dat lokale publieke omroepen onterecht werden achtergesteld en dat het beleid onzorgvuldig was.
De rechtbank ging uitvoerig in op de bezwaren van individuele omroepen zoals Mi Amigo, VIP, Radio Westland, Arcade, LTV3, SCOZ, SALTO, VMM, Mercurius en SLOH. Geen van deze partijen slaagde erin aannemelijk te maken dat het beleid of de besluiten onrechtmatig waren. Ook de ontvankelijkheid van belanghebbenden zoals OLON werd bevestigd. De rechtbank concludeerde dat de besluiten op bezwaar van 2 februari 1999 en 6 december 1999 in stand kunnen blijven en verklaarde de beroepen ongegrond.
Tot slot wees de rechtbank verzoeken om schadevergoeding af en zag zij geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken door mr. drs. Th.G.M. Simons als voorzitter en mr. L.C.P. Goossens en mr. E.I. van den Bos-Boomsma als leden op 2 april 2001.
Uitkomst: De beroepen tegen de verdeling van FM- en AM-frequenties onder niet-landelijke commerciële radio-omroepen worden ongegrond verklaard.