ECLI:NL:CRVB:1999:AA3657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.M. van der Kade
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak wegens niet-naleving hoor en wederhoor bij bestuursrechtelijke uitkeringsherziening
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een herzieningsbesluit van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) waarbij zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering was verlaagd. De rechtbank Zwolle verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant stelde in hoger beroep dat hij niet was uitgenodigd voor de zitting, waardoor zijn recht op hoor en wederhoor was geschonden.
De Centrale Raad van Beroep onderzocht de wijze van uitnodiging en concludeerde dat de rechtbank de uitnodiging voor de zitting van 19 augustus 1996 niet aangetekend of met ontvangstbevestiging had verzonden, maar per gewone post. Dit is in strijd met artikel 8:37 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat vereist dat uitnodigingen bij aangetekende brief of brief met ontvangstbevestiging worden verzonden tenzij de rechtbank anders bepaalt met voldoende waarborgen.
Omdat appellant daardoor niet in de gelegenheid was zijn standpunt mondeling toe te lichten en dit een schending van een voorschrift van openbare orde betreft, werd de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank Zwolle voor een nieuwe behandeling. Tevens werd gedaagde voorwaardelijk veroordeeld in de proceskosten van appellant in hoger beroep en werd het griffierecht vergoed.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd wegens schending van het hoor en wederhoor-beginsel en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling.