ECLI:NL:RBROT:2005:AU4401
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak bezwaar OZB-tarief woning en niet-woning wegens onvoldoende motivering
Eiser maakte bezwaar tegen aanslagen onroerende-zaakbelastingen (OZB) voor de jaren 2001 tot en met 2004, waarbij de gemeente de woning en tuinderij als één object aanmerkte en het niet-woningentarief toepaste. Eiser betwistte dat de woning onderdeel was van het geheel en stelde dat de woning kadastraal gescheiden was en apart toegankelijk.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had onderzocht en gemotiveerd waarom de woning als niet-woning moest worden aangemerkt. De situatie was vergelijkbaar met een eerdere uitspraak van het gerechtshof Leeuwarden, waarin een woning met eigen kadastrale aanduiding en eigen toegang niet als één geheel met bedrijfsgebouwen werd beschouwd.
De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde de uitspraken op bezwaar wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro, en beval de gemeente binnen zes weken nieuwe uitspraken te doen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De uitspraken op bezwaar worden vernietigd wegens onvoldoende motivering en de gemeente moet nieuwe uitspraken doen.