ECLI:NL:RBROT:2005:AU4531
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rutten
- De Haan
- Van den Enden
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen voorhanden hebben machinepistool en munitie zonder terroristisch oogmerk
De rechtbank Rotterdam heeft op 18 oktober 2005 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die samen met haar echtgenoot werd verdacht van het voorhanden hebben van een machinepistool, munitie en een geluiddemper. Het strafverzwarende onderdeel van terroristisch oogmerk werd niet bewezen verklaard.
Uit het dossier en de zitting bleek dat verdachte zich bewust was van het wapenbezit en een zekere machtsrelatie had met het vuurwapen en de munitie. Dit werd onder meer ondersteund door een telefoongesprek waarin verdachte sprak over een Agram 2000 kaliber 9 mm. Ook het opvallende rijgedrag van de auto waarin verdachte en haar echtgenoot werden aangehouden, en verklaringen van medegedetineerden versterkten het bewijs.
De rechtbank verwierp het verweer van de verdediging dat verdachte niet medepleegde. Medeplegen werd vastgesteld op basis van bewuste samenwerking en gezamenlijke uitvoering. Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, legde de rechtbank een gevangenisstraf van negen maanden op, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk, wegens medeplegen van het voorhanden hebben van een machinepistool, munitie en geluiddemper zonder terroristisch oogmerk.