ECLI:NL:RBROT:2006:AY6210
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting toepasselijkheid Wet op het Consumentenkrediet en nakoming kredietovereenkomst
De zaak betreft een vordering van Aruba Bank N.V. tegen een particuliere gedaagde wegens achterstallige betaling van termijnbedragen op een kredietovereenkomst. De gedaagde is twee maanden in gebreke gebleven met betaling van één vervallen termijn.
De rechtbank stelt vast dat onvoldoende is gesteld of gebleken is dat de Wet op het Consumentenkrediet (WCK) van toepassing is op de kredietovereenkomst. Eiseres wordt daarom in de gelegenheid gesteld nadere stukken te overleggen waaruit blijkt dat de WCK niet van toepassing is, alsmede een afschrift van haar vergunning om financiële diensten te verlenen.
Voorts dient eiseres duidelijkheid te verschaffen over de omvang van de debetstand en het deel van de creditcardopnames binnen de gevorderde som, en moet zij aantonen dat aan de vereisten voor ingebrekestelling en opeising conform de WCK is voldaan.
De rechtbank verwijst de zaak naar een nieuwe rolzitting om deze informatie te verkrijgen en zal bij gebreke hiervan slechts de reeds vervallen termijnbedragen in behandeling nemen.
Uitkomst: De rechtbank stelt eiseres in de gelegenheid nadere stukken te overleggen en verwijst de zaak naar een nieuwe rolzitting.