ECLI:NL:RBROT:2006:AY9092
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsopdracht en uitleg contractuele boekwaarde en bonusbeding in arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat centraal de vraag welke boekwaarde van toepassing is op een auto van de zaak die door de werknemer moet worden overgenomen volgens de arbeidsovereenkomst. Partijen verschillen van mening over de commerciële boekwaarde versus een lagere boekwaarde gebaseerd op een afschrijvingsregeling.
Daarnaast is er een geschil over de uitleg van een bonusbeding, waarbij wordt betwist of vakantiegeld over de toegekende loyaliteitsbonussen verschuldigd is. De werknemer stelt recht te hebben op vakantiegeld over de bonussen, terwijl de werkgever dit betwist op grond van standaard arbeidsvoorwaarden.
De kantonrechter oordeelt dat de werkgever de bewijsopdracht krijgt om aan te tonen welke boekwaarde geldt, maar dat de werknemer ook voldoende heeft gesteld om zijn stellingen te bewijzen. Verder wordt geoordeeld dat de werknemer recht heeft op de loyaliteitsbonus over de periode 1 mei 2004 tot 1 mei 2005, en dat vakantiegeld over de bonussen verschuldigd is volgens dwingendrechtelijke regels. Verdere beslissingen worden aangehouden tot na bewijslevering.
Uitkomst: Bewijsopdracht aan werknemer om boekwaarde van auto te bewijzen op € 2.868,75; werknemer heeft recht op loyaliteitsbonus over 1 mei 2004 tot 1 mei 2005 en vakantiegeld over bonussen; verdere beslissingen aangehouden.