ECLI:NL:RBROT:2007:BA0926
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.N. van Zelm van Eldik
- C. Bouwman
- E.A. Vroom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bestuurdersaansprakelijkheid voor schade door oneerlijke mededinging
CEF, een groothandel in elektrotechnische materialen, vordert van bestuurders van de branchevereniging FEG vergoeding van schade door onrechtmatig handelen in het kader van een kartel en oneerlijke mededinging. CEF stelt dat bestuurders bewust onrechtmatig hebben gehandeld en nalatig waren in het treffen van voorzieningen voor schadevergoeding.
De rechtbank onderzoekt de verjaring van de vordering, het bewijs van voortzetting van het kartel na 1994, en de individuele verwijten aan bestuurders. De rechtbank oordeelt dat CEF vóór 19 mei 1995 bekend was met de schade en de aansprakelijke bestuurders, waardoor de vordering verjaard is voor de periode daarna. Verder is onvoldoende bewijs geleverd dat het kartel na 1994 voortduurde.
De overige verwijten, zoals het nalaten van het aantrekken van financiële middelen, het overhevelen van activa, het verlagen van contributie en selectieve betaling, worden door de rechtbank afgewezen vanwege gebrek aan bewijs of omdat de bestuurders geen verwijt treft. De vordering wordt afgewezen en CEF wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering van CEF tegen bestuurders van FEG wordt afgewezen wegens verjaring en onvoldoende bewijs.