ECLI:NL:RBROT:2007:BA6194
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling brandmeldinstallatie afgewezen wegens onvoldoende bewijs van overeenkomst met gedaagde privé
Wesotronic vordert betaling van €8.594,88 wegens geleverde en aangelegde brandmeldinstallatie, inclusief rente en incassokosten. Gedaagde betwist de vordering en voert niet-ontvankelijkheid aan wegens het niet voldoen aan de substantiëringsplicht.
De rechtbank oordeelt dat artikel 111 lid 3 Rv Pro geen sancties verbindt aan het niet voldoen aan de substantiëringsplicht en dat gedaagde geen bijzondere omstandigheden heeft gesteld die dit anders maken. Wesotronic is daarom ontvankelijk in haar vordering.
Er bestaat discussie over de vraag of de overeenkomst met gedaagde privé is gesloten of namens een B.V. De rechtbank draagt Wesotronic op dit te bewijzen, onder meer door getuigen te doen horen. De beslissing over rente en incassokosten wordt aangehouden.
De rechtbank bepaalt tevens de procedure voor het indienen van getuigenlijsten en het plannen van verhoren. Het vonnis is gewezen door mr. M. Verkerk.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verweer tot niet-ontvankelijkheid af en draagt eiseres op te bewijzen dat de overeenkomst met gedaagde privé is gesloten.