ECLI:NL:RBROT:2007:BC0233
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. van der Wind
- Rechtspraak.nl
Vordering tot terugbetaling wegens ongeoorloofde opname van gelden van gezamenlijke bankrekening moeder en dochter
De moeder en dochter hadden een gezamenlijke bankrekening, waarvan het saldo uitsluitend aan de moeder toebehoorde. Beide hadden een bankpasje met dezelfde pincode, maar de moeder beheerde de pasjes en gaf die aan de dochter alleen met toestemming.
De moeder stelt dat de dochter zonder toestemming geld heeft opgenomen ten eigen bate en dat zij bovendien een bedrag van €12.000 van de moeder heeft ontvangen, dat zij niet heeft terugbetaald. De dochter ontkent deze beschuldigingen en stelt dat de opnames steeds ten goede kwamen aan de moeder en dat zij de incidenteel geleende bedragen heeft terugbetaald.
De rechtbank stelt vast dat er geen sprake is van een beheersregeling ex artikel 3:168 BW Pro, omdat er geen gemeenschap van goederen is. De moeder moet daarom bewijs leveren dat de dochter zelfstandig en zonder toestemming geld heeft opgenomen en dat het bedrag van €12.000 daadwerkelijk aan de dochter is gegeven.
De rechtbank draagt de moeder op om bewijs te leveren, onder meer door het horen van getuigen, alvorens verder te beslissen. De zaak wordt voortgezet met het horen van getuigen in het begin van 2008.
De uitspraak is gedaan door rechter F. van der Wind op 28 november 2007.
Uitkomst: De moeder moet bewijs leveren dat de dochter zonder toestemming geld heeft opgenomen en dat zij het bedrag van €12.000 heeft ontvangen; de zaak wordt voortgezet met getuigenverhoren.