ECLI:NL:RBROT:2008:BC4395
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- P. van Zwieten
- Rechtspraak.nl
Schorsing afwijzing vergunning financiële dienstverlener wegens twijfel over vakbekwaamheid en betrouwbaarheid
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) wees op 20 december 2007 de vergunningaanvraag van verzoekster af op grond van twijfel aan de betrouwbaarheid van een beleidsbepaler en onduidelijkheid over de vakbekwaamheid. Verzoekster maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de afwijzing te schorsen en de doorhaling in het register ongedaan te maken.
De voorzieningenrechter constateerde dat het onthouden van de vergunning waarschijnlijk tot bedrijfsbeëindiging leidt, waardoor spoedeisendheid aanwezig is. De betrouwbaarheidstoets richtte zich op een beleidsbepaler die in het verleden niet volledig correcte informatie had verstrekt en betrokken was bij een transactie met het Openbaar Ministerie. Hoewel dit een ernstig antecedent is, oordeelde de rechter dat dit niet onvoorwaardelijk tot een negatief oordeel mag leiden, mede omdat de gedragingen lang geleden plaatsvonden en verzoeker uit eigen beweging aanvullende informatie had verstrekt.
Ook over de vakbekwaamheid van de feitelijk leidinggevende en beleidsbepaler bestond onduidelijkheid vanwege late aanlevering van diploma’s en certificaten. De voorzieningenrechter vond echter dat de AFM de mogelijkheid heeft om ontheffing te verlenen en dat verzoekster niet op voorhand kan worden tegengeworpen dat niet aan de vakbekwaamheidseisen is voldaan.
Gelet op de belangen van verzoekster en de geringe kans op recidive, werd het bestreden besluit geschorst en de AFM opgedragen de doorhaling in het register ongedaan te maken tot zes weken na beslissing op bezwaar. Proceskosten werden niet toegewezen vanwege het late aanleveren van diploma’s.
Uitkomst: Het bestreden besluit van de AFM wordt geschorst en de doorhaling in het register ongedaan gemaakt tot zes weken na beslissing op bezwaar.