ECLI:NL:RBROT:2008:BD0165
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid bestuursrechter tot behandeling invordering verbeurde dwangsom AFM
De Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) legde op 12 september 2007 een last onder dwangsom op aan verzoekster. Omdat verzoekster niet binnen de gestelde termijn aan deze last voldeed, verbeurde zij een dwangsom van €80.000, welke door de AFM werd gevorderd. Verzoekster betwistte de dwangsom, stellende dat de gevraagde gegevens inmiddels waren aangeleverd, maar maakte geen bezwaar tegen de lastoplegging zelf.
Verzoekster diende op 21 maart 2008 een verzoek in bij de rechtbank om uitstel van betaling en vernietiging van de opgelegde dwangsom. De griffier informeerde verzoekster dat de bestuursrechter niet bevoegd is tot behandeling van de invordering van de dwangsom en dat verzet tegen het dwangbevel bij de civiele rechter moet worden ingesteld. Verzoekster handhaafde haar verzoek, maar overlegde niet het besluit van de AFM tot oplegging van de last onder dwangsom.
De voorzieningenrechter overwoog dat een schorsing van een last onder dwangsom niet aan de orde is nadat de dwangsom geheel is verbeurd. Tevens achtte hij het niet aannemelijk dat verzoekster bezwaar had gemaakt tegen het besluit van 12 september 2007. Gelet op het ontbreken van het connexiteitsvereiste verklaarde de voorzieningenrechter zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot voorlopige voorziening. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De bestuursrechter verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot voorlopige voorziening tegen de invordering van de dwangsom.