ECLI:NL:RBROT:2008:BD1793
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. van ’t Laar
- H. van den Heuvel
- J. de Gans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot gelijke uitzendvergoeding voor technische bijstander als leden RST
Eiser, een technisch bijstander van de douane, verzocht om een vergoeding gelijk aan die van leden van het Recherche Samenwerkingsteam (RST) op grond van de Tijdelijke Afspraken Uitzendvoorwaarden (TAU). De rechtbank stelt vast dat verweerder de vrijheid had om vooruit te lopen op gunstiger uitzendvoorwaarden zolang de ministeriële regeling nog niet was vastgesteld. Voor eiser werd de concept regeling beschikbaarstelling ambtenaren aan de Nederlandse Antillen en Aruba (concept Rbana) toegepast, terwijl voor leden van het RST de TAU gold.
De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van gelijke gevallen, omdat de TAU voortkomt uit onderhandelingen met politiebonden en een andere sector betreft dan waar eiser toe behoort. Verschillen in rechtspositie en status rechtvaardigen volgens de rechtbank een onderscheid in uitzendvoorwaarden. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalt, omdat geen concrete toezeggingen zijn gedaan aan eiser en de nieuwe regeling niet met terugwerkende kracht op hem van toepassing is.
Verder concludeert de rechtbank dat verweerder niet onbehoorlijk heeft gehandeld en dat het verzoek om een hogere proceskostenvergoeding ongegrond is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek om gelijke vergoeding als leden van het RST wordt afgewezen.