ECLI:NL:RBROT:2008:BD9176
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gepensioneerden vorderen onverschuldigde inhouding pensioenpremies van voormalig werkgever
In deze civiele procedure vorderen gepensioneerden, hierna eisers, terugbetaling van pensioenpremies die door hun voormalige werkgever Texaco onterecht op hun salarissen zijn ingehouden over de jaren 1997, 1998 en 1999. Eisers stellen dat Texaco geen werkgeversbijdrage heeft betaald in die jaren, waardoor de inhoudingen hoger waren dan de werkgeversbijdrage, hetgeen onverschuldigd is betaald.
Texaco betwist dit en stelt dat de werkgeversbijdrage van 1,2 miljoen euro in 2002 is voldaan en dat er geen sprake is van onverschuldigde betaling. Tevens voert Texaco aan dat de vorderingen verjaard zijn. De rechtbank overweegt dat Texaco en het pensioenfonds hun verplichtingen tot tijdige vaststelling en betaling niet zijn nagekomen en dat de betaling in 2002 een algemene kapitaalinjectie betrof, niet de werkgeversbijdrage over genoemde jaren.
De rechtbank oordeelt dat het beroep op verjaring niet slaagt omdat eisers niet eerder op de hoogte waren van hun vordering en dat Texaco tekort is geschoten in haar verplichtingen jegens eisers. Texaco wordt veroordeeld tot betaling van de ingehouden premies over 1997-1999, vermeerderd met wettelijke rente, en tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Texaco wordt veroordeeld tot terugbetaling van onterecht ingehouden pensioenpremies over 1997-1999, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.