ECLI:NL:RBROT:2008:BE9790
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P. van Zwieten
- Rechtspraak.nl
Geen belanghebbende status voor weduwe bij boetebesluit Arbeidsomstandighedenwet
In deze bestuursrechtelijke procedure stond centraal of eiseres, als partner van een overleden werknemer, belanghebbende was bij het besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om geen boete op te leggen aan de werkgever, Compagnie de Manutention RO-RO B.V. (CdMR), ondanks een overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet.
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit, maar dit werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen belanghebbende zou zijn volgens artikel 1:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank bevestigde dit oordeel en overwoog dat het besluit uitsluitend rechtsgevolgen heeft voor CdMR en niet voor de werknemer of diens nabestaanden.
De rechtbank benadrukte dat het begrip 'rechtstreeks belang' een begrenzing inhoudt voor wie bezwaar kan maken tegen bestuursbesluiten. Het feit dat eiseres mogelijk civiele aanspraken heeft tegen CdMR verandert hier niets aan, aangezien het bestuursrechtelijke besluit geen civiele aansprakelijkheid betreft.
De rechtbank verwierp ook het beroep op een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, omdat de belangen van eiseres niet gelijkgesteld konden worden aan die van CdMR. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat zij geen belanghebbende is bij het boetebesluit tegen de werkgever.