ECLI:NL:RBROT:2008:BG8136
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing aanwijzing AFM wegens onvoldoende naleving ken-uw-cliënt-beginsel bij beleggingsadvies
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) gaf Burghthuys Adviesgroep B.V. een aanwijzing wegens het onvoldoende naleven van het ken-uw-cliënt-beginsel en de zorgplicht bij advisering over het beleggingsverzekeringsproduct Toekomst Garant Plan (TGP). De AFM constateerde in dertien dossiers dat onvoldoende informatie werd ingewonnen over de financiële positie, risicobereidheid, kennis, ervaring en doelstellingen van cliënten, en dat het advies niet altijd aansloot bij de wensen van cliënten.
Burghthuys maakte bezwaar tegen de aanwijzing en verzocht de voorzieningenrechter om schorsing. De voorzieningenrechter oordeelde dat de AFM terecht de aanwijzing had gegeven op grond van artikel 4:23 Wft Pro en dat de procedure rondom het geven van de aanwijzing conform de Awb was verlopen, waarbij Burghthuys voldoende gelegenheid had gehad tot het geven van een zienswijze.
De rechtbank vond dat de aanwijzing duidelijk was en dat de geconstateerde tekortkomingen meer waren dan incidenteel. De voorzieningenrechter besloot echter om de aanwijzing met terugwerkende kracht voor drie weken te schorsen, omdat de uitspraak pas kort na het verstrijken van de begunstigingstermijn kon worden gedaan en om te voorkomen dat het verzoek om voorlopige voorziening feitelijk zinledig zou zijn.
De schorsing betreft alleen de duur van drie weken vanaf 17 december 2008. De rest van het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. Er werden geen proceskosten aan Burghthuys opgelegd.
Uitkomst: De aanwijzing van de AFM wordt voor drie weken geschorst met terugwerkende kracht vanaf 17 december 2008, het overige verzoek wordt afgewezen.