ECLI:NL:RBROT:2009:BH1200
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sluitingsbesluit Thermen Ridderkerk wegens legionellabesmetting
In december 2007 heeft de burgemeester van Ridderkerk eerst een voorwaardelijk en later een onvoorwaardelijk sluitingsbevel uitgevaardigd voor Thermen Ridderkerk vanwege legionellabesmetting en gerelateerde ziektegevallen. De rechtbank stelt dat de burgemeester in beginsel bevoegd is tot sluiting bij acuut gevaar voor veiligheid en gezondheid, maar dat het besluit tot onvoorwaardelijke sluiting gebaseerd was op onjuiste feiten en onzorgvuldige besluitvorming.
De GGD en andere instanties hebben legionellamonsters genomen, waarbij op meerdere plaatsen besmetting werd vastgesteld. De burgemeester heeft op basis hiervan tot sluiting besloten, maar de rechtbank constateert dat de maatregelen en filters die door eiser waren aangebracht een veilige situatie hadden kunnen creëren. Tevens was er sprake van een misverstand over een monstername, die niet tot een nieuwe besmetting leidde.
De rechtbank oordeelt dat de burgemeester onvoldoende onderzoek heeft gedaan, niet adequaat overleg heeft gevoerd met eiser, en dat het sluitingsbevel niet proportioneel was. Het besluit tot onvoorwaardelijke sluiting wordt daarom vernietigd en herroepen. Het voorwaardelijke sluitingsbevel wordt als redelijk beoordeeld en blijft gehandhaafd. De rechtbank veroordeelt de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot onvoorwaardelijke sluiting van Thermen Ridderkerk wordt vernietigd en herroepen; het voorwaardelijke sluitingsbevel blijft gehandhaafd.