ECLI:NL:RBROT:2009:BI8766
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Verweij
- M. Schoneveld
- E.M.H. Loozen
- Rechtspraak.nl
Boeteoplegging aan bouwbedrijf voor mededingingsbeperkende afspraken ondanks ne bis in idem-beginsel
De rechtbank Rotterdam behandelde een beroepsprocedure van een bouwbedrijf tegen een boetebesluit van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet en artikel 81 van Pro het EG-Verdrag.
Het bouwbedrijf werd beboet voor deelname aan verboden vooroverleg in de installatiesector van januari 1998 tot en met 22 augustus 2001. Eerder was al een boete opgelegd aan haar nieuwe moedermaatschappij voor de periode vanaf 23 augustus 2001 tot eind 2001. Het bedrijf betoogde dat dit in strijd was met het ne bis in idem-beginsel en dat de boete was verjaard.
De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van dubbele beboeting omdat de boetes betrekking hadden op verschillende perioden en verschillende rechtspersonen. De hoofdelijke aansprakelijkheid van het bouwbedrijf voor de boete van de moedermaatschappij deed hieraan niet af. Ook werd geoordeeld dat de voortdurende overtreding de verjaring uitsloot. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de boeteoplegging wordt ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.