ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3794
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen bij arbeidsongeschikte werknemer
BoCari verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar werknemer, die arbeidsongeschikt is, op grond van bedrijfseconomische redenen. De werknemer was senior Electrical Engineer en sinds februari 2008 in dienst voor onbepaalde tijd. Door de financiële crisis en teruglopende omzet stelde BoCari dat de functie van de werknemer kwam te vervallen. De werknemer had zich ziek gemeld met reumatische klachten en was gedeeltelijk geschikt voor aangepast werk, maar kon dit niet volhouden vanwege concentratieproblemen en vermoeidheid.
De kantonrechter oordeelde dat er geen sprake was van een algehele bedrijfssluiting of sluiting van een onderdeel waar de werknemer werkte. Het vervallen van één functie zonder reorganisatieplan en zonder onderbouwing van economische noodzaak was onvoldoende. Ook ontbraken gegevens over teruglopende orders in de specifieke branche. Het verzoek tot ontbinding werd afgewezen omdat niet aannemelijk was dat er op termijn geen passende arbeid meer beschikbaar zou zijn.
Daarnaast speelde het opzegverbod tijdens ziekte een rol. Hoewel het opzegverbod niet geldt bij algehele bedrijfssluiting, was dat hier niet aan de orde. De kantonrechter vond dat het ontbindingsverzoek mede verband hield met de arbeidsongeschiktheid, waardoor reflexwerking van het opzegverbod aanwezig was. De werkgever had onvoldoende re-integratiemaatregelen genomen en moest een re-integratiebedrijf inschakelen. De proceskosten werden gecompenseerd en elke partij draagt eigen kosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van bedrijfseconomische noodzaak en aanwezigheid van opzegverbod tijdens ziekte.