ECLI:NL:RBROT:2009:BJ5629
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.A.C. van Nifterick
- R. Kruisdijk
- K. Werkhorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergunningaanvraag financiële dienstverlener wegens twijfel aan betrouwbaarheid mede-beleidsbepaler
Eiseres, een financiële dienstverlener, vroeg op 23 januari 2006 een vergunning aan bij de AFM. De AFM weigerde deze vergunning op 14 december 2007 omdat de betrouwbaarheid van mede-beleidsbepaler [X] niet buiten twijfel stond, mede vanwege het niet melden van fiscale vergrijpboetes en voortgezet vergunningplichtig handelen na de afwijzing.
De rechtbank stelt vast dat [X] onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt over een belastingonderzoek en opgelegde vergrijpboetes over 2001-2003, terwijl hij dit had moeten melden. Daarnaast heeft eiseres na de afwijzing van de vergunningaanvraag toch vergunningplichtige advies- en bemiddelingsactiviteiten verricht.
Eiseres betoogde dat de vragen op het betrouwbaarheidsformulier onduidelijk waren en dat de vergrijpboetes deels waren ingetrokken of gematigd. De rechtbank oordeelt echter dat de AFM terecht heeft vastgesteld dat de betrouwbaarheid van [X] niet buiten twijfel stond en dat het belang van integriteit en vertrouwen op de financiële markten zwaarder weegt dan het belang van eiseres.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft het besluit van de AFM. Het faillissement van eiseres werd op 26 mei 2009 uitgesproken. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vergunningaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit van de AFM gehandhaafd.